1 kroon gecertificeerd

Geschiedenis

De Scherpschutters Vereeniging "Oranje Nassau" werd ca 150 jaar geleden opgericht en wel op dinsdag 18 februari 1875. Sinds haar oprichting kan "Oranje Nassau zich verheugen in het beschermheerschap van Z.K.H. de Prins der Nederlanden. Tot aan zijn overlijden werd deze functie vervuld door Z.K.H. Prins Bernhard. H.M. Koningin Juliana verleende "Oranje Nassau" het predikaat "Koninklijke" ter gelegenheid van het 100 jarig bestaan van de vereniging in 1975. Medio 2012 werd dit predikaat verlengd tot 2037.

Onderscheid

De Koninklijke Scherpschutters Vereeniging "Oranje Nassau" één van de oudste schietsportverenigingen van Nederland, maar richt zich, anders dan de meeste van haar collega verenigingen, specifiek op het opleiden van talentvolle schutters tot wedstrijdschutter. Van de leden wordt verwacht dat zij regelmatig deelnemen aan zowel interne wedstrijden als aan wedstrijden op regionaal, nationaal en zo mogelijk internationaal niveau. Hierbij speelt actieve deelname aan het clubklasseringsprogramma een belangrijke rol.

Onderstaand is een beknopte samenvatting betreffende de historie van de Koninklijke Scherpschutters Vereeniging "Oranje-Nassau", ontleend aan ons jubileumboekje 1875 - 1975.

Op donderdag 18 februari 1875 vond te 's-Gravenhage een bijeenkomst plaats "om te komen tot de oprichting van een vereeniging ter beoefening van het schijfschieten". Het was niet de eerste schietvereniging in Den Haag, want er werd reeds 1835 in de Haagse regio geschoten door de schutters van de schietverenigingen "Petit St. Hubert", "de Vereeniging van Officieren der d.d. Schutterij van 's-Gravenhage", "Het Koninklijk Scherpschutters gilde" ,"Oefening en Vermaak", de "Weerbaarheid" en de "Leerlingen van de Hogere Burgerscholen". Onder de mensen die het initiatief namen tot de oprichting bevond zich een groot aantal leden van de reeds bestaande verenigingen, onder wie Mr. J. Jochems, een man die zijn sporen in de Haagse schutterswereld reeds verdiend had. Hij was enige jaren bestuurslid geweest van "Petite St. Hubert" en van de "Scherpschutters van 's-Gravenhage". Deze "broeders" in de schietsport waagden een poging om tot een geheel andere opzet te komen. (Fusie?).

Gekozen werd dus voor de naam "Oranje-Nassau" en men besloot aan de vereniging "Petit St. Hubert" om vergunning te vragen om de wekelijkse schietoefeningen te mogen houden op de in dat jaar in gebruik te nemen nieuwe schietbanen "aan het kanaal" (thans Raamweg). Een gedeelte van de schietbanen lag op de plaats waar nu het St Hubertus-viaduct ligt, zodat het duidelijk is waaraan het viaduct en de tunnel hun namen ontlenen. Reeds spoedig na de oprichting van de nieuwe vereniging in 1875 toonde zij haar kracht, door al in 1876 tijdens het landelijk concours van de "Landelijke Weerbaarheidsbond" (1) beslag te leggen op de le korpsprijs. Een door Prins Hendrik der Nederlanden uitgeloofde zilveren bokaal. Deze buiten-gewone prestatie trok dermate veel aandacht, dat de Prins er toe overging in september van dat zelfde jaar het beschermheerschap van de vereniging op zich te nemen. Gezien het succes van het vorige concours besloot de vereniging in 1877 een groot landelijk concours te organiseren. Helaas werd dat verzet door het overlijden van H.M.Koningin Sophie der Nederlanden in juni van dat jaar.

Daardoor werd het concours gehouden in 1878. Dat concours, de eerste algemene wedstrijd door "Oranje-Nassau" georganiseerd, werd gehouden op het terrein van de Dienstdoende Schutterij op het proefveld aan het kanaal. Op acht banen werden de wedstrijden geschoten en het festijn werd dagelijks opgeluisterd met vrolijke muziek, ten gehore gebracht in een ter plekke opgebouwde muziektent. "Oranje-Nassau" nam de volgende jaren in bloei toe onder de krachtige leiding van Mr. Jochems. Het bewijs daarvan is de verguld zilveren bokaal. Een prachtstuk van edelsmeedwerk, die in 1872 door Z.M. de Koning (Willem Ill) "ter bevordering van het juistheidsschieten" werd uitgeloofd. Deze mooie bokaal kwam in 1881 in ons definitieve bezit. Voor het winnen van deze beker stelde Z.M.de Koning de volgende voorwaarden: De beker moest met het Remmington geweer op 400 pas (circa 300 meter) door dezelfde vereniging twee maal achtereen gewonnen worden en telkens met verschillende teams van 5 schutters. "Oranje-Nassau" slaagde hierin door in 1880 in V ucht en in 1881 te De Bilt beslag te leggen op de 1 e plaats. Dit pronkstuk is heden ten dage nog in het bezit van de KSV -"Oranje-Nassau" en bevindt zich in het Nederlandse Goud, Zilver en Klokkenmuseum in de zilverstad Schoonhoven. Boven het haardvuur in ons clubhuis hangt een afbeelding van deze bokaal, welke niet alleen als bewijs dient van meesterschap van edelsmeedwerk, maar tevens, tot op de huidige dag, van het meesterscherpschuttersniveau van veel onzer leden in het verleden en heden. In het jaar 1900 werd Mr. Jochems na een 25 jarig voorzitterschap benoemd tot ere-voorzitter en notaris S.J. van den Berg werd de nieuwe voorzitter, die op de drempel van de nieuwe eeuw het 25 jarig jubileum wilde vieren met een groots concours. Helaas werden alle feestelijkheden opgeschort naar 1901, omdat de heer van den Berg plotseling overleed. Vele successen vielen de jaren daarna de vereeniging ten deel tijdens nationale en internationale schietevenementen. "Oranje Nassau' stond aan de top van de Nederlandse schietsport.

Toen, als donderslag bij heldere hemel, zo verluidt het jubileumboekje, brak de 1e wereldoorlog uit. En weer was het "Oranje-Nassau" dat de stoot gaf aan oprichting van een burgerwacht, toen onze troepen aan de grenzen nodig waren. Er verschenen in de couranten diverse oproepen aan de mannelijke ingezetenen van 's-Gravenhage van 17 jaar en ouder, om vrijwillig het land te verdedigen en 30 jarigen zich beschikbaar te houden voor het verrichten van enige diensten, als waartoe een gewapende burgerwacht zoude kunnen worden geroepen. Hen zou schietvaardigheid worden bijgebracht en wanneer de oorlogstoestand mocht intreden, "eenigszins" voorgeoefend ter beschikking van de militaire overheid zijn. Eigenaren van een rijwiel en wapenen en munitie konden zich beschikbaar houden voor een op te richten "Wielrijderskorps". Het 1e battaljon van de Haagse Burgerwacht werd in oktober 1914 geinstalleerd door de burgemeester Jhr. Mr. van Karnebeek, die in zijn toespraak o.a. de leden de vereeniging complimenteerde met hun goede burgerzin.

Ook in 1918, toen de revolutie dreigde, waren het weer de leden van "Oranje-Nassau" die zich in burgerwacht-verband ter beschikking stelden van het Wettig Gezag, om waar nodig in te grijpen om Vorstin en Vaderland te beschermen. Maar ook de donkere dagen gingen voorbij. In 1919 werd de nieuwe schietbaan, gelegen aan de Bosjes van Poot feestelijk geopend. In 1920 werd de heer W. Jochems voorzitter. In 1924 werd er alweer aan het 50 jarig jubileum gedacht. Op 28 februari vond een receptie plaats i.v.m. het 50 jarig bestaan van de KSV-"Oranje-Nassau". Een schuttersfeest waarover de gehele Nederlandse schietwereld nog lang zou spreken. Z.K.H prins Hendrik en de minister van Oorlog, Z.E. I.CC. van Dijk spraken hun gelukwensen uit en complimenteerden de vereniging om haar krachtige weerbaarheidsbijdrage in de oorlogsjaren. Ook de regering liet zich niet onbetuigd en benoemde de voorzitter tot ridder in de orde van Oranje-Nassau. Daarna was er een schuttersdiner en de goede wensen daarbij uitgesproken geschiedde in dichtvorm.

De succesvolle jaren van de vereniging duurden voort, maar in 1940 brak plotseling de 2e wereldoorlog uit. Plannen was toen niet meer mogelijk. Alle wapens en munitie moesten bij de bezetter worden ingeleverd en pogingen om ze terug te krijgen liepen op niets uit. Later zijn de wapens door de bezetter weggevoerd en vernietigd. Ook was de accommodatie op Ockenburg door de bezetter gesloopt. Er was geen verenigingsleven meer. Sommigen leden doken onder en weer anderen maakten zich verdienstelijk in het verzet. Helaas zijn van die periode en daarvoor niet veel originele archieven overgebleven, omdat tot twee maal toe de archieven door brand zijn verwoest. De 1e maal voor de eerste wereldoorlog ten huize van fam. Jochems, waarbij er vele echt gouden voorwerpen op onnaspeurlijke wijze zijn verdwenen. De 2e maal ten huize van de fam. Durang, tijdens het bombardement op het Bezuidenhoutkwartier. Een groot verlies voor de vereniging. Na de oorlog werd de vereniging weer actief. In 1946 werd te Brummen de eerste wedstrijd na de oorlog geschoten. De prijzen bestonden uit 10 Kg. Appels en/of uit 7,5 Kg peren. Ook konden wij op de politiebanen op de laan Van Poot terecht voor de schietoefeningen. De 50er jaren deden hun intrede. In 1953 werden er voor het eerst drie dames tot het ledenbestand toegevoegd. In juni 1954 werd een goede traditie weer in ere hersteld: De jaarlijkse tweekamp tussen de KSV-Rotterdam en de KSV-"Oranje-Nassau". Deze vindt tot onze vreugde nog steeds plaats. In 1954 kreeg het bestuur toestemming voor het aanleggen van schietbanen op het voormalige terrein van de "Haagse-Burgerwacht", het unieke stukje terrein waarop wij nu nog steeds onze sport bedrijven. In 1955 offerden vele leden hun vrije tijd op om de nieuwe accommodatie schietklaar te maken. Op 17 december 1955 was de officieuze opening en op 7 juli 1956 vond de officiele opening van de schietaccommodatie plaats. Dat was het gebouw, waarop in 1980 de huidige accommodatie is gebouwd. Een gerenommeerd lid, de heer Dick Deibel schoot daar in 1956 een nieuw Nederlands record op het onderdeel "Meesterscherpschutterswedstrijd licht kaliber". Hij verbeterde het maar liefst met 16 punten en schoot 575 punten. Gedurende 11 jaren bleef dat op zijn naam staan. In 1967 werd dat eveneens in onze accommodatie door Nico Schoonderwaldt met een punt verbeterd. Te weten: 576 punten. Hij was toen 26 jaar. De (toenmalige) nieuwe generatie deed hiermede zijn intrede. Na vele internationale en nationale evenementen, bij ons georganiseerd, bloeide het verenigingsleven als nooit tevoren.

In 1975 vierde onze vereeniging haar 100 jarig bestaan. Er werden Internationale en Nationale schietsportevenementen georganiseerd en tijdens de landelijke prijsuitreiking daarvan was een aparte tafel nodig voor de gewonnen prijzen van de KSV -"Oranje Nassau". Tijdens een aparte bijeenkomst werd bekend gemaakt dat het Hare Majesteit had behaagd het predicaat Koninklijk toe te kennen aan de Vereniging. De Koninklijke Scherpschutters�Vereeniging "Oranje-Nassau" kan bogen op een glorierijk verleden en nog steeds wordt de goede reputatie van onze vereniging door de inzet van velen waargemaakt.

(1) (Dit was de in 1866 opgerichte landelijke organisatie van schutterijen en schietverenigingen. Deze bond was in feite de voorloper van de Koninklijke Vereeniging van Nederlandse Scherpschutters en de huidige Koninklijke Nederlandse Schutters Associatie).

Bovenstaande informatie is overgenomen uit het jubileumboek van de Scherpschutters Vereeniging "Oranje Nassau" uitgegeven ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan in 1975.